Het muurhuisje, tegenover het museum trekt dit jaar weer veel bezoekers. Deze zomer hebben er al 3.400 mensen een kijkje genomen in het 'Elburg van 100 jaar geleden'. Het muurhuisje wordt in de zomermaanden bemand door vrijwilligers van het museum. Tineke van Geest zorgt voor de aankleding en bemanning van dit unieke huisje.

 

De hertog van Gelre bepaalde in 1392 dat binnen een mijl van de stad Elburg niet mocht worden gebouwd. Aan het eind van de 18e eeuw woonde een groot deel van de bevolking buiten de muren. Het aantal mensen dat binnen de muren een onderkomen had, was in het begin van de 20eeeuw drie keer zo groot als bij de stichting van de stad. Om deze hoeveelheid mensen te kunnen bergen werden de binnengrachten gedempt en bebouwd en was men bezig nieuwe woonmogelijkheden te creëren. Binnentuinen verdwenen en muurhuisjes verrezen. De muren deden allang geen dienst meer en konden op deze manier nog gebruikt worden om allerlei optrekjes stevigheid te verlenen. Hier huisden de armen van de stad, soms met grote gezinnen. Zij voerden dagelijks strijd om hun bestaan.

 

In 1773 stichtte Maria Herms Courage een fonds. Zij bepaalde dat jaarlijks tweederde uit de opbrengst van de landerijen werd toebedeeld aan de armen van Elburg tijdens de wintermaanden. Veel muurhuisjes en panden in Elburg zijn met behulp van het geld gerestaureerd. Vroeger waren de woonomstandigheden veel slechter dan tegenwoordig. Een toilet was er niet, hiervoor werd gebruik gemaakt van een emmer in een kist met deksel, de zgn. “kakdoos”. De inhoud van de emmertjes werd tweemaal per week opgehaald door de “Karreman”. Een kraan was er ook niet. Water moesten ze halen bij de pomp. Om licht te hebben brandde men een kaars of had men een olielampje.

 

Hierbij nog een liedje om de sfeer van het muurhuisje weer te geven: https://www.youtube.com/watch?v=WFQJvad5_Sk

Dit lied is geschreven door Ernst van der Sloot voor de tentoonstelling 'Zuiderzeewerken' die te zien is van 09 07 2016 | 10 09 2016 in Museum Elburg